Prijzen en onderscheidingen

Marius Bauer was tijdens zijn leven reeds een beroemd kunstenaar. In binnen- en buitenland zijn hem een groot aantal prijzen en onderscheidingen ten deel gevallen.
Zelfs in de jaren op de Haagsche Academie (tussen 1879 en 1884), waar hij volgens opgave van de toenmalige secretaris, de heer J. Gram, slechts 84 lessen volgde en geen eindexamen deed, ontving hij er toch drie onderscheidingen.

Een lijst van zijn prijzen en onderscheidingen

1879
Prijs van de Haagsche Academie voor het tekenen van een geschaduwde kop.

1882
Prijs van de Haagsche Academie voor het tekenen van een pleistermasker.

1884
De zilveren Rijksmedaille van de Haagsche Academie voor het tekenen naar levend naakt.

1891
1e Prijs
Prijsvraag voor affiche voor theehandelaar E. Brandsma, zowel voor de firma te Amsterdam als voor het filiaal in Keulen.

Brandsmas-thee

1894
Medaille 1e klasse van de ‘Afdeeling Schoone Kunsten’ op de Wereldtentoonstelling te Antwerpen.

1896
Willink van Collenprijs uitgereikt op 10 oktober. Op die dag wordt hem ook een officieel diner aangeboden.

1896
De gouden medaille verleend door H.M. de Koningin-Regentes Emma, tijdens de tentoonstelling van Arti & Amicitiae te Amsterdam.

1896
Onderscheiding van de Russische Keizer: La Médaille commémorative du Couronnement 1896, et le brevet no 341 + Le Certificat donnant droit de porter les insignes sub no.139

1900
Grand Prix Wereldtentoonstelling te Parijs = Exposition Universelle Internationale.

1900
Op 11 augustus 1900 wordt Marius Bauer benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. (inv.4752 no.13) Hij krijgt deze onderscheiding in verband met zijn inzendingen voor de Wereldtentoonstelling te Parijs in 1900.

medailleVOOR

medailleACHTER

1901
Gouden medaille op de Internationale Tentoonstelling te Arnhem.
Gouden medaille op de Internationale Tentoonstelling te München.

1904
Gouden medaille op de Wereldtentoonstelling te Saint Louis, VS.

1906
Op 13 juli benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau voor zijn medewerking aan de organisatie van de feestelijkheden rond de viering van Rembrandtjaar 300 jaar. (inv.5239 no.22)

1910
Gouden Keizerlijke Medaille op de Grossen Berliner Kunst-Ausstellung.
Gouden Medaille op de Wereldtentoonstelling te Brussel.

Ankum1 Ankum2

1911
Officier in de Orde van de Kroon (uitgereikt door Koning Albert van België.
Dit wordt hem op 10 juni medegedeeld door het Ministerie van Buitenlandse Zaken te Brussel. Op 31 juli wordt aan Bauer door Koningin Wilhelmina verlof gegeven om de versierselen van deze Orde te dragen.
Zilveren medaille op de VI Exposicion Internacional d’Arte te Barcelona.

1915
‘Medal of Award’ op de Panama-Pacific International Exposition te San Francisco, VS.

1923
Benoemd op 12 mei tot Agrégé Etranger van de Koninklijke Academie voor Schoone Kunsten te Antwerpen.

Dragers-a-d-Nijl

1927
Op 28 juli benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw (inv.7084 no.27) vanwege het feit dat hij is een “Eminent schilder en etser, die ver over onze grenzen door zijn kunstwerken de algemeene bewondering afdwingt.”

1930
In april benoemd tot Honorary Member of the Senefelder Club. De oorkonde is ondertekend door Frank Brangwyn